Plagen of pesten? Soms ziet iedereen iets anders

Sep 14, 2026

Plagen of pesten?

Dat lijkt misschien een eenvoudige vraag. Toch merken we tijdens de trainingen die we op scholen geven dat leerlingen hier heel verschillend over kunnen denken. Wat voor de één een grapje is, kan voor een ander helemaal niet leuk zijn. En precies daar begint een belangrijk gesprek.

Want voordat we leerlingen kunnen leren wat pesten is en wat ze kunnen doen als ze het zien, is het goed om eerst stil te staan bij iets anders:

We zien niet allemaal hetzelfde.

Zie jij een eend of een konijn?

Kijk eens naar deze bekende optische illusie. De één ziet hier een eend, de ander een konijn. En als je eenmaal een eend ziet, kan het best lastig zijn om ineens het konijn te zien.

 

Toch kijk je naar precies dezelfde afbeelding.

Dat gebeurt ook in sociale situaties. Twee leerlingen kunnen bij precies dezelfde gebeurtenis staan en er toch iets heel anders bij voelen of denken.

De één denkt:

"We waren gewoon aan het lachen."

De ander denkt:

"Waarom moet het altijd tegen mij zijn?"

Wie heeft er dan gelijk?

Dat is niet altijd zo eenvoudig te beantwoorden.

Iedereen kijkt namelijk door zijn eigen 'bril'. Onze ervaringen, karakter, omgeving en wat we gewend zijn, spelen allemaal mee in hoe we situaties interpreteren.

En dat is belangrijk om te begrijpen als we het hebben over plagen en pesten.

Wanneer is iets nog een grapje?

Tijdens onze trainingen merken we dat leerlingen vaak goed weten dat pesten niet oké is. Maar zodra we concrete situaties bespreken, ontstaat er veel meer discussie.

"Maar hij lacht toch?"

"Ze maken altijd zo grapjes met elkaar."

"Hij had ook gewoon terug kunnen zeggen dat hij het niet leuk vond."

Dat zijn interessante reacties, want ze laten zien hoe verschillend leerlingen naar dezelfde situatie kunnen kijken.

Wat de één grappig vindt, kan voor een ander kwetsend zijn. En soms zie je aan de buitenkant niet direct wat iets met iemand doet.

Daarom is het belangrijk om leerlingen niet alleen te leren kijken naar wat iemand bedoelde, maar ook naar wat het met de ander doet.

Een belangrijke vraag is dan:

Hoe denk je dat dit voor de ander voelt?

Het verschil tussen plagen en pesten

Plagen en pesten worden regelmatig door elkaar gehaald. Toch is er een belangrijk verschil.

Bij plagen is er meestal sprake van gelijkwaardigheid. Beide kinderen kunnen erom lachen en de rollen kunnen wisselen. Bij pesten is die gelijkwaardigheid er niet. Er is sprake van een machtsverschil en het gedrag is vaak herhaaldelijk en structureel.

Maar in de praktijk is het niet altijd zwart-wit.

Een opmerking die de ene dag prima valt, kan een andere dag ineens te ver gaan. Of een grapje dat binnen een vriendengroep leuk is, kan voor iemand die erbij staat helemaal niet leuk zijn.

Daarom is het zo belangrijk dat kinderen leren om signalen te herkennen en grenzen van anderen serieus te nemen.

"Ik bedoelde het als grapje" betekent niet automatisch dat het ook zo is overgekomen.

Pesten is niet alleen een probleem tussen twee kinderen

Als we het over pesten hebben, denken we vaak aan twee rollen: de pester en degene die gepest wordt. Maar er is nog een hele belangrijke groep: de omstanders.

Tijdens trainingen zien we regelmatig dat leerlingen zich niet altijd bewust zijn van hoeveel invloed zij hebben op wat er in een groep gebeurt.

Lach je mee?

Kijk je weg?

Zeg je er iets van?

Of haal je er een docent bij?

Al deze reacties geven een signaal af.

Wanneer iemand zegt:

"Hé, stop. Dit is niet grappig."

laat diegene zien:

Dit accepteren wij niet.

Wanneer iedereen meelacht of wegkijkt, kan juist het tegenovergestelde signaal ontstaan.

Dat betekent niet dat we van leerlingen verwachten dat ze ieder pestprobleem zelf oplossen. Een kind hoeft niet tegenover een groep op te staan of de confrontatie met een pester aan te gaan.

Wel kunnen we kinderen leren dat ze iets kunnen doen. Voor iemand opkomen, iemand meenemen in de groep of hulp halen bij een volwassene zijn allemaal manieren om verantwoordelijkheid te nemen.

Een veilige klas begint bij bewustwording

Pesten voorkom je niet met één les. En ook een pestprotocol alleen zorgt niet voor een veilige groep.

Sociale veiligheid zit juist in de dagelijkse dingen.

In hoe leerlingen met elkaar praten.
In hoe je reageert als iemand wordt uitgelachen.
In of een leerling durft te zeggen: "Dit vind ik niet leuk."
En in de vraag of kinderen weten dat ze bij een volwassene terechtkunnen.

Als leerkracht heb je daar veel invloed op.

Je kunt bijvoorbeeld regelmatig met je klas praten over situaties die kinderen tegenkomen. Niet alleen wanneer er daadwerkelijk gepest wordt, maar juist ook wanneer alles goed lijkt te gaan.

Want als je pas over pesten praat wanneer er een probleem is, ben je eigenlijk al laat.

Weerbaarheid: voor jezelf én voor een ander

Bij weerbaarheid denken we vaak aan voor jezelf opkomen. En dat is zeker belangrijk.

Maar weerbaarheid gaat ook over:

  • je grenzen kunnen aangeven;
  • herkennen wanneer iets voor jou niet prettig voelt;
  • hulp durven vragen;
  • omgaan met groepsdruk;
  • voor een ander durven opkomen;
  • rekening houden met de gevoelens van een ander;
  • nadenken over je eigen gedrag.

Daarom vinden wij het belangrijk om pesten en weerbaarheid samen te bespreken.

De vraag is niet alleen:

"Wat doe je als jij gepest wordt?"

Maar ook:

"Wat voor klasgenoot wil jij zijn?"

De groep heeft meer invloed dan je denkt

Een leerling die wordt gepest, staat er niet alleen voor. De groep kan juist een belangrijke rol spelen in het stoppen van pestgedrag.

Daarom is het waardevol om leerlingen te laten nadenken over hun eigen rol. Niet door ze een label te geven als pester, slachtoffer of meeloper, maar door nieuwsgierig te vragen:

"Welke rol had jij in deze situatie?"

"Wat deed je toen?"

"Wat zou je de volgende keer anders kunnen doen?"

Zo leren kinderen nadenken over hun eigen keuzes, zonder dat ze meteen in een hokje worden geplaatst.

Begin gewoon met een vraag

Praten over pesten hoeft helemaal geen zwaar gesprek te zijn. Soms is één goede vraag genoeg om een gesprek op gang te brengen.

Bijvoorbeeld:

  • Wanneer is een grap niet meer grappig?
  • Hoe merk je dat iemand iets niet leuk vindt?
  • Waarom is het soms moeilijk om voor iemand op te komen?
  • Wat zou jij doen als je ziet dat iemand wordt buitengesloten?
  • Wanneer vraag je hulp?
  • Kun je ook per ongeluk iemand kwetsen?
  • Wat kun jij doen om ervoor te zorgen dat iedereen erbij hoort?

Door dit soort vragen regelmatig te bespreken, leren kinderen niet alleen wat pesten is. Ze leren ook beter kijken naar elkaar.

En misschien is dat wel de belangrijkste stap.

Want net zoals bij de optische illusie kunnen twee mensen naar precies dezelfde situatie kijken en toch iets anders zien.

De kunst is om niet alleen te blijven kijken vanuit je eigen perspectief, maar ook nieuwsgierig te worden naar dat van een ander.

Aan de slag met de Pesten & Weerbaarheid Vraagkaartjes

Wil je het gesprek over pesten en weerbaarheid in jouw klas op een laagdrempelige manier aangaan?

Wij hebben Pesten & Weerbaarheid Vraagkaartjes ontwikkeld met vragen die kinderen helpen nadenken over pesten, plagen, grenzen, groepsdruk, voor jezelf opkomen en voor een ander opkomen.

Je kunt de kaartjes gebruiken tijdens een mentorles, klassengesprek, kringmoment, in een klein groepje of tijdens een individueel gesprek.

Niet om alle antwoorden te geven, maar juist om het gesprek te beginnen.

Want een veilige groep begint vaak met één goede vraag.

>>>Bekijk de Pesten & Weerbaarheid Vraagkaartjes

 

Wil je meer doen voor jouw klas?

Misschien merk je dat er in jouw klas behoefte is aan meer aandacht voor pesten, weerbaarheid of de sfeer in de groep. Of misschien wil je juist preventief aan de slag met groepsvorming en sociale veiligheid.

Je hoeft het niet alleen te doen.

Wij verzorgen trainingen op scholen rondom weerbaarheid, groepsvorming, sociale veiligheid en pesten. We kijken daarbij altijd naar wat er speelt in de groep en stemmen de training af op de behoeften van de leerlingen en de school.

Wil je weten wat we voor jouw klas of school kunnen betekenen?

Neem gerust contact met ons op of bekijk ons aanbod op Jonger.nu.

Bronnen

  • Nederlands Jeugdinstituut (NJi), Cijfers over pesten: slachtoffers, voor actuele cijfers over pesten onder kinderen en jongeren.
  • Stichting School & Veiligheid, Alles over pesten, informatie over pesten, signaleren en de aanpak op school.
  • Rijksoverheid, Veiligheid op school, informatie over de wettelijke verantwoordelijkheid van scholen voor sociale veiligheid.